De organisaties die de afgelopen decennia de ruggengraat hebben gevormd van onze samenleving staan onder druk. Politieke partijen, vakbonden, kerken en levensbeschouwelijke organisaties, maar ook andere maatschappelijke verbanden, clubs en verenigingen – allemaal kampen ze met dalende ledentallen en afnemende verbindende kracht. Dat heeft gevolgen op maatschappelijk en individueel niveau. In het programma Structuren van Zingeving onderzoekt Socires waar nieuwe vormen en motieven van samenzijn en gemeenschap ontstaan, hoe die functioneren en wat dit kan betekenen voor de oude maatschappelijke verbanden.

De maatschappelijke inrichting van Nederland is sinds het einde van de 19e en het begin van de 20e eeuw voor een belangrijk deel mede vormgegeven door wat we het ‘maatschappelijk middenveld’ noemen. Vrijwillige publieke verbanden tussen mensen bepaalden zowel het dagelijks leven als de richting van de maatschappelijke ontwikkeling. Grote groepen burgers (vrouwen, arbeiders, katholieken, boeren) verenigden en emancipeerden zich, zowel maatschappelijk als politiek (zie bijvoorbeeld de invloed van Abraham Kuyper, Herman Schaepman en Suze Groeneweg); verenigingen organiseerden de verspreiding van kennis door onderwijs te verzorgen en bibliotheken op te richten; vakbonden kwamen op voor de positie van de arbeider, tegen de macht van het industriële kapitaal.

Figuur 1: Robert Putnam, The Upswing (2020)

 

Vandaag is de invloed van dit publieke domein tanende. Socioloog Robert Putnam typeert dit in zijn boek The Upswing als een proces van divergentie (fig. 1). Op basis van een grote hoeveelheid data demonstreert hij dat na jaren van toenemende convergentie op verschillende assen – toenemende economische gelijkheid, politieke samenwerking, toenemend sociaal kapitaal en culturele samenhang – sinds de jaren ’60 een verschuiving waarneembaar is. Toenemende economische ongelijkheid, politieke en culturele polarisatie en dalend sociaal kapitaal nemen toe en zijn inmiddels weer op het niveau van het einde van de 19e eeuw, toen de vorige ‘upswing’ begon. Alhoewel dit onderzoek betrekking heeft in Amerika, is eenzelfde proces waarneembaar in Nederland.  

Ontmoeting

Het ontrafelen van het maatschappelijk middenveld is daarmee emblematisch voor een bredere dynamiek, die grote gevolgen heeft op maatschappelijk en individueel niveau. Het verdwijnen van de verbanden die mensen voorheen op een betekenisvolle manier verbonden aan de maatschappelijke ontwikkelingen en aan elkaar zorgt voor frustratie en hopeloosheid (zoals onder meer blijkt uit het WRR-rapport Grip, 2023) en De Atlas van Afgehaakt Nederland (Cuperus & De Voogd, 2021). Polarisatie neemt toe en de rechtsstaat staat onder druk (Hirsch-Ballin, Waakzaam Burgerschap, 2022). En het vertrouwen dat de overheid in staat is om de problemen het hoofd te bieden neemt hand over hand af (Verbrugge, De Gezagscrisis, 2023)).

Dit alles uit zich ook op individueel niveau. Steeds meer mensen kampen met depressie, burn-out en eenzaamheid. De afname van verbinding in grotere gemeenschappelijke verbanden lijkt ook gepaard te gaan met een verarming van de verticale dimensie van het leven. Gemeenschappen en gezamenlijke activiteiten en rituelen zijn een grote bron van zingeving, bezieling, verbondenheid, sociaal kapitaal, onderling vertrouwen, morele vorming etc.

Volgens Socires is de gemene deler in deze processen: een gebrek aan ontmoeting tussen mensen. Doordat activiteiten die voorheen gelegenheid waren voor deliberatie, dialoog en ontmoeting tussen mensen zijn overgedragen aan de systemen van markt en staat zijn ze steeds meer in het teken komen te staan van protocollen en procedures, de logica’s van rendement en efficiëntie. Gelegenheden die voorheen motief waren om samen aan de slag te gaan – niet alleen het lidmaatschap van een vereniging maar ook de zorg voor een naaste, het samen repareren van de fontein op het plein of het onderhouden van een kerk – zijn dat in toenemende mate niet meer. Civiele praktijken waar mensen zich samen inzetten voor een groter belang – het onderwijs, de ouderenzorg, de armenzorg, huisvesting, jeugdwerk – hebben we uitbesteed aan de staat en de markt en daardoor gebureaucratiseerd en transactioneel gemaakt.

We kunnen hier – in navolging van o.a. Robert Putnam en Hans Borstlap – spreken van een nieuwe ‘sociale kwestie’. Dat wil zeggen: niet alleen lopen we tegen de grenzen van welvaart, ecologie en instituties op, ook de omvang van de verstoring in de socialisering van mensen (de kansen je te tonen als mens en (het gevoel te hebben) bij te dragen aan iets groters dan jijzelf en daarin erkend te worden) wordt steeds zichtbaarder. Deze sociale kwestie is ook een spirituele kwestie: de collectieve praktijken waardoor we betekenis geven aan ons leven en onze handelingen staan onder druk. En hierdoor wordt de afhankelijkheid van professionals en systemen op haar beurt weer vergroot. Zo verliezen tegelijk de mensen en de samenleving aan vitaliteit.

Moderne Rituelen

De filosoof Byung-Chul Han koppelt de “pathologiën van de moderniteit” – o.a. de uitputting van de mens en de planeet, de dominantie van instrumentele rationaliteit en het verlies van gemeenschapszin – nadrukkelijk aan het verlies van verbindende, niet-transactionele praktijken. Specifiek noemt hij het verdwijnen van rituelen: “Rituelen zijn de symbolische technieken waarmee we onszelf thuis maken in de tijd. Ze stichten een gemeenschap zonder communicatie, terwijl we nu ten onder gaan aan communicatie zonder gemeenschap”. Maar het zijn juist de oude rituelen en gemeenschappen – denk aan kerken – die geen aansluiting meer vinden bij de (spirituele) behoeften van de moderne samenleving. De vraag rijst: hoe nu verder? Zijn er manieren om oude verbanden en vormen te benutten om de nieuwe behoeften te voeden?

Tegen de keer zien we hoe de problemen van vandaag de dag – de ecologische crisis, de druk op de zorg, de woningnood – gelegenheid en motief vormen voor mensen om nieuwe vormen van samenzijn en gemeenschap te ontwikkelen. Het zijn deze nieuwe initiatieven die de basis kunnen vormen voor de ‘Upswing’ waar Putnam voor pleit, die het begin kunnen zijn van een nieuwe publieke sfeer (Van den Brink, De Lage Landen en het Hogere, 2012) waar de regeneratie van het sociale, maatschappelijke, ecologische en spirituele weefsel plaats kan vinden. Nieuwe plekken van ontmoeting en zingeving, die nieuwe rituele vormen genereren of zoeken.

In het programma Structuren van Zingeving inventariseert, onderzoekt en stimuleert Socires in samenwerking met Vrijzinnigen Nederland deze nieuwe bewegingen.


Meer weten?  

Wilt u meer weten over het programma Structuren van Ontmoeting, onze activiteiten of publicaties, heeft u vragen of suggesties, of wilt u een afspraak maken voor een presentatie of gesprek, neem dan contact op met programmaleider Ward Huetink (w.huetink@socires.nl).

Heeft u een vraag over Socires of wilt u op de hoogte worden gehouden van onze activiteiten, stuur dan een e-mail naar socires@socires.nl.